RD as in NYT

The morning after. Reading … The New York Times, Sports, World Cup:

As Brazil Crashes Out, the Magic Appears to Be Gone, Too – a cutout

The major nations of the Old World have industrialized youth development so effectively that France, Germany and Spain can now rival Brazil and Argentina as a source of players. Its smaller countries have such easy access to best practices that their size is no longer an issue. Their players and coaches can be exported easily to the best leagues in the world. The latest developments in coaching, sports science, nutrition and the rest can be imported rapidly. It is that process that allowed Iceland to draw with Argentina, and be a little disappointed it did not win. It is that process that has left Belgium in the World Cup semifinals, and Croatia and Sweden with hopes of joining them.

And it is that process that has seen Brazil come and go from four World Cups, all without success. Each one, each failing, simply adds to the pressure that awaits the next team to try to end the wait, to try to overcome all of the advantages that Europe can call on.

Ik citeer uit NYT en kleurde een zin rood.

Advertenties
Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , , , , , | Een reactie plaatsen

‘Hoe kan de leraar in deze tijd overleven? Meer, hoe kan hij of zij, want meestal gaat het om een vrouw, met professionele trots en persoonlijke voldoening het leraarsberoep uitoefenen? Een plan in vijf punten.’ | Rik Torfs in Knack

Volkomen gelijk geef ik hem. Rik Torfs. Hij is waarlijk een man naar mijn hart. Zo-even las ik op Knack zijn vijf tips voor leerkrachten, oogverblindend en hartverwarmend mooi in al hun wijsheid. En heerlijk humoristisch helder geformuleerd zoals hij dat zo goed kan! Alleen met zijn vijfpuntenplan kunnen leraren / leraressen / docenten samen met hun leerlingen volgens mij overleven. Dat geloof ik vast.

Zo spreekt prof. dr. Torfs:

Vele jaren geleden, het moet rond 1970 zijn geweest, zag ik een televisieprogramma waarin ouders de raad kregen van hun kinderen niet het onmogelijke te eisen. Zo mag een leraar niet vragen, hopen of verwachten dat zijn kind het even ver schopt als hijzelf en ook leraar wordt. De beelden vond ik nooit terug, maar ik dacht er vaak aan. Het lijkt vandaag onvoorstelbaar, het leraarschap dat doorgaat als een topjob. Gladde reclamejongens genieten in onze tijd meer waardering dan wie de jeugd onderwijst. Leraren zijn voor veel medeburgers lui met een middelmatige intelligentie en eindeloos durende vakanties. De leraarskamer is een symbool van geestelijke leegte, waarin de gesprekken voornamelijk over realityshows op de televisie en echtscheidingsperikelen van de nukkige schoolvossen zelf gaan. Niet over de Metamorfosen van Publius Ovidius Naso, zoals je van ‘hoogopgeleiden’ zou verwachten. 

Als u een mail krijgt dat u papieren moet invullen, toon dan uw karaktersterkte en druk op de delete-knop.

Nochtans, wie niet langer gelooft in de leraar, geeft ook de jeugd op. Vindt haar minder belangrijk dan het eigen ogenblikkelijke genot.

Hoe kan de leraar in deze tijd overleven? Meer, hoe kan hij of zij, want meestal gaat het om een vrouw, met professionele trots en persoonlijke voldoening het leraarsberoep uitoefenen? Een plan in vijf punten.

1. Ken uw vak en bemin het

Dat is de sleutel van alles. Wie zich als een vis in het water voelt in de materie die hij doceert, geeft beter les. Juist omdat die kennis zo vanzelfsprekend lijkt, verzeilt ze weleens op de achtergrond. De pedagogische vorming neemt bij de opleiding van leerkrachten te veel plaats in, ten koste van algemene en vakkennis. Wat baat het allerlei kneepjes onder de knie te hebben om vervolgens een vak te onderwijzen dat je zelf maar matig beheerst? Dat bleek duidelijk toen recent in Vlaanderen klachten over de belabberde kennis van het Frans bij scholieren naar boven kwamen. Vlaanderen haalde op dat gebied Nederland in, een prestatie. Een belangrijke oorzaak van de neergang is dat onderwijzers en vak-leraren vaak zelf niet in staat zijn om vlot Frans te spreken. Ze weten perfect hoe ze erover moeten doceren, maar de taal beheersen ze nauwelijks.

Ook het woord ‘lesvoorbereiding’ wordt te eng geïnterpreteerd. Een leraar kan natuurlijk, ’s avonds thuis bij kunstlicht, een les tot in de puntjes voorbereiden. Ze duurt exact 48 minuten, na een kwartier komt er een grap en de powerpointpresentatie is in orde. In het oog springend nadeel: ruimte voor impro-visatie of gesprek blijft er nauwelijks.

Hoe dan ook, de echte voorbereiding is het leven zelf. Hoe iemand zijn vak beleeft, de ontwikkelingen ervan volgt, dwarsverbanden legt. Wie van zijn vak houdt, is er altijd mee bezig, ook als hij zich in de sporthal bevindt of naar bizarre internetsites kijkt. Het houdt hem gezelschap in goede en kwade dagen. Ik herinner me hoe ik, heel lang geleden, een oud-leraar een prentkaart stuurde met daarop de abdij van Jumièges in Normandië. De geadresseerde bleek de afgebeelde ruïne heel goed te kennen, had het er geregeld over in zijn lessen, vertelde dertienjarigen hoe de Vikingen de site plunderden. Hij greep het simpele kaartje aan om zich verder in de geschiedenis van de abdij te verdiepen. Midden in de vakantie. Zonder enige les in het verschiet, die dringend moest worden voorbereid. Op zijn werktafel lag altijd wel een Franse roman, de laatste Prix Goncourt bijvoorbeeld. En de Parijse politiek volgde hij op de voet. Ook hoger opgeleide ouders konden moeilijk anders dan hem ernstig nemen.

Kortom, de eerste les voor leraars is: ware kennis van uw vak is de beste lesvoorbereiding. En ze is de sleutel voor uw zelfvertrouwen in een samenleving die onderwijzers en leraren niet langer automatisch waardeert. Dat kan een startpunt zijn voor licht subversief gedrag dat ik iedere leraar toewens.

2. Volg de regels niet

Doet een leraar dat wel, dan is lesgeven vrijwel onmogelijk. Eindtermen in koeterwaals, administratieve verplichtingen, opvoedingstaken die eigenlijk ouders toekomen, troosteloze invulboeken: zij staan allemaal dat in de weg waar de echte leraar goed in is en waarom hij koos voor zijn vak: het plezier van het lesgeven. Ik weet dat het gemakkelijker gezegd is dan gedaan, maar een leraar zou moeten weigeren absurde taken op te nemen of aan onredelijke eisen te beantwoorden. En wel hierom: een echte leraar is altijd een beetje een artiest, niet zomaar een functionaris. Een functionaris kun je vragen een strikte verslaggeving van zijn activiteiten aan te reiken. Wanneer vond de vorige controle van het blusapparaat plaats? U leest het op het apparaat zelf. Wanneer werden de toiletten van de luchthaven voor het laatst gereinigd? Een geparafeerd papier op de binnendeur leert het u.

Dat leraren over al hun activiteiten papieren moeten invullen, laat twee dingen zien. Vooreerst dat ze volgens hun bazen niet te vertrouwen zijn, anders was die papierwinkel overbodig. Vervolgens, en fundamenteler, dat ze als uitvoerders van een opdracht worden beschouwd en niet als creatieve geesten. Functionarissen, geen artiesten.

Collega’s die aan de universiteit papieren moesten invullen, gaf ik altijd de volgende raad: doe niets. Daarna komt een tweede mailtje met de dringende vraag alsnog een antwoord te verschaffen. Hou vol, hul u in stilte. Vervolgens arriveert er een nieuw, lichtjes alarmerend bericht: ‘Dit is uw laatste kans.’ Dat is het moment om uw karaktersterkte te tonen: druk op de delete-knop. Als u daartoe de moed hebt, volgt er niets meer. De administratie gaat ervan uit dat u na drie mails braaf in de pas loopt. Ze beschikt niet over een vervolgscenario.

Worden de bazen boos op u? Zou kunnen. Maar uw beste bescherming is de kwaliteit van uw lessen.

3. Leerlingen springen niet ver, of niet ver genoeg, met vakkennis alleen

Daar is iedereen het vandaag over eens. Studeren is maar een begin, permanente vorming geldt als vanzelfsprekend. Tegelijk horen we voortdurend pleidooien voor de invoering van specifieke vakken die juist wel op detailkennis en weetjes mikken, die dus de tegenovergestelde gedachte belichamen. Een vak sociale zekerheid, eerste hulp bij ongevallen, financiële geletterdheid: volgens sommigen zouden ze allemaal op de middelbare school verplicht moeten worden. Niet dat die vakken nutteloos zijn. Maar ze zijn afgeleiden, toepassingen, ze mikken niet op brede algemene kennis of kritische zin. Terwijl de school jongeren moet vormen tot weerbare mensen die met tegenslagen om kunnen gaan en niet te lang bij hun eigen successen stilstaan.

Durf te choqueren en te verrassen. Laat leerlingen debatteren en spoor hen aan om een positie in te nemen die niet de hunne is.

Kritisch denken bereik je niet door, nauwelijks verhuld, leerlingen een ideologie door de strot te duwen. Een vak burgerschap houdt een valstrik in. Lessen in democratie en burgerzin maken er deel van uit. En jongeren moeten kritisch leren denken, dat ook. Daar zit al een verborgen contradictie in. De plicht om kritisch te denken maakt een doelstelling van wat een houding hoort te zijn.

Helemaal fout is het in universitaire kringen vaak gepromote vak ‘ Global Citizenship’. De Engelse titel en het impliciete conformisme dat in het hanteren van een modeterm verscholen zit, zouden al argwaan moeten wekken. De 17 sustainable development goals waarover de Verenigde Naties in 2015 politiek akkoord gingen, zouden de leidraad voor zo’n vak vormen. Het zijn vaak heel laconieke, erg abstracte begrippen waar niemand tegen kan zijn, zoals ‘ no poverty’, ‘zero hunger’ en ‘quality education’. Maar het is natuurlijk wel mogelijk aan algemene begrippen waarover politieke consensus werd bereikt een uitgesproken ideologische inhoud te verschaffen die bovendien als wetenschappelijk wordt voorgesteld.

Een raad aan de leraren: dring uw leerlingen die ideeën niet op, zeker niet als u ze zelf politiek ondersteunt. Jongeren hebben ideologische manipulatie vlug door en gaan al gauw het tegenovergestelde denken. Durf te choqueren en te verrassen. Laat leerlingen debatteren over gevoelige maatschappelijke onderwerpen zoals migratie en gelijkheid en spoor hen aan om een positie in te nemen die niet de hunne is. Nu en dan ook een stelling die op het randje is. Niet alleen leidt dit tot meer empathie voor anderen. Het helpt ook om wat leerlingen uiteindelijk de beste oplossing vinden niet als de enig juiste te zien. Kortom, het tegenovergestelde van een enge, beheersbare en geruststellende visie op global citizenship, maar een blik op de wereld zoals hij werkelijk is, complex en dubbelzinnig, ook in ieders eigen straat.

4. Stimuleer nieuwe vaardigheden, maar vergeet de oude niet

De laatste jaren doen bewindslui er alles aan om jongeren te overtuigen voor de STEM-richtingen te kiezen. Science, technology, engineering, mathematics. De toekomst. Wiskunde en wetenschappen. Dat in die gebieden een mooie professionele carrière uit te bouwen valt, is juist. Fout evenwel is de gedachte dat die mathematische kennis tegelijk een mechanische benadering en evaluatie van de leerstof vereist. Dat ze een homo mathematicus creëert. Het is niet omdat iemand wiskundig is geschoold dat zijn leven mathematische dimensies moet aannemen. Behoorlijk spreken en schrijven is ook voor een wiskundige van belang. Een diploma behalen na uitsluitend multiplechoice-examens te hebben afgelegd, wat vandaag in sommige opleidingen aan universiteiten kan, is een aanfluiting van de algemene vorming.

Een diploma behalen na uitsluitend multiplechoice-examens te hebben afgelegd, is een aanfluiting van de algemene vorming

Een verstandige leraar laat zich niet verblinden door de verandering, maar heeft ook aandacht voor wat ongewijzigd blijft. Niet eenvoudig: we worden zodanig met verhalen over de ‘razendsnel evoluerende kennismaatschappij’ om de oren geslagen, dat we beginnen te geloven dat de kennis die we ’s morgens verwerven ’s avonds verouderd is. Een beetje zoals de waarde van het geld bij hyperinflatie: bij zonsondergang koop je één brood met het geld waarmee je er enkele uren eerder twee kon betalen.

Maar niet alles verandert. Het is zaak oog te hebben voor wat constant blijft, in sommige gevallen zelfs van alle tijden is. Daarbij hoort de menselijke behoefte om te blijven communiceren, meer, vaker, intenser dan vanuit een puur praktisch oogpunt noodzakelijk lijkt. E-commerce en buurtwinkels maken op hetzelfde moment furore. Wat contradictorisch lijkt, is in feite gewoon menselijk.

In ieder geval blijven spreken en schrijven essentieel, ook al spelen ze niet in ieders leven een even belangrijke rol. Taal is meer dan een manier om tot uitdrukking te brengen wat we denken, ze is een onderdeel van onze gedachten. En op die wijze ook een stuk van ieders mens-zijn.

Vooruitgang wordt vaak gezien als het achter ons laten van het verleden, terwijl we ons in nieuwe gewaden hullen: STEM en cijfers tegenover taal en woorden. Een kritische leraar laat zich niet vangen door valse dilemma’s. Hij laat zich evenmin meedrijven met de mode, voor zover die geen teken van vernieuwing maar een uiting van volgzaamheid is. In dat verband blijft een citaat van Nicolás Gómez Dávila onverkort overeind: ‘Tegen de stroom oproeien is niet onverstandig als de rivier vloeit in de richting van watervallen.’

5. Stimuleer de ongelijkheid tussen uw leerlingen

Daarmee wil ik niet zeggen dat sociale barrières aanvaardbaar zijn of dat gelijke kansen plotseling niet meer hoeven. Integendeel, laat het bijzonder duidelijk zijn, op dat gebied mogen we absoluut geen concessies doen.

Maar er bestaat ook een verkrampte versie van gelijke kansen die langzaam overvloeit in inhoudelijke gelijkheid. En die laat ideologie primeren op het belang van de individuele leerling. Zo bereidt Wallonië een onderwijshervorming voor waarin alle leerlingen tot ze zestien zijn op school exact hetzelfde vakkenpakket krijgen voorgeschoteld. Aanleg voor Latijn of niet, talent voor technologie of heel weinig: iedereen hetzelfde. Waardoor een vorming in wat jongeren echt interesseert te schraal wordt, en de afkeer voor wat ze tegen heug en meug wordt voorgeschoteld, levenslang blijft duren. Gedwongen Latijn. Verplichte technologische opvoeding voor motorisch gestoorden. Erken gewoon dat mensen andere talenten hebben, het ene is niet beter dan het andere, maar ze verschillen van elkaar. Vlak ze niet af. Het verschil tussen mensen is de sleutel van hun persoonlijk succes, maar ook van maatschappelijke vooruitgang. Stimuleer jongeren dus om hun talent te ontplooien waardoor ze vanzelf van anderen zullen verschillen. Fnuik hun talent niet door hen eenheidsworst te voeren. Iemand die zeer begaafd is in wiskunde heeft niet genoeg aan standaardoefeningen alleen. Zoals iemand met aanleg voor schrijven meer in zijn mars heeft dan het opstellen van een correcte e-mail. In beide gevallen bot het banale karakter van de gegeven opdrachten hun creativiteit af.

Ongelijkheid is een gegeven. En de motor voor elke dynamiek. Koester haar, daarna blijft er nog meer dan genoeg tijd en ruimte over voor herverdeling, waar elk maatschappelijk debat over gaat, of het nu op gelijkheid inzoomt, op rechtvaardigheid, klimaat, diversiteit of gelijke kansen. Wezenlijk gaat het altijd over herverdeling. Maar die is pas mogelijk bij de gratie van ongelijkheid, van ongelijke talenten die, zoals dat soms wat simpel en sloganesk wordt uitgedrukt, ‘het verschil maken’.

Het stimuleren van ongelijkheid is voor een leraar niet altijd simpel. Wie lesgeeft, hoe verstandig hij ook is, ontdekt tijdens zijn carrière altijd mensen die intelligenter zijn dan hijzelf. Hij moet sterk in zijn schoenen staan om dat aan te kunnen. Slaagt hij daar niet in, dan is ‘gelijkheid’, zonder oog voor iemands specifieke talenten, een gemakkelijke en bovendien schijnbaar rechtvaardige weg om te vluchten. Bestaat er een mooier alibi dan gelijke behandeling, een moreel principe, om de vrees te sublimeren door intelligente en kritische leerlingen te worden overvleugeld?

Nochtans is juist de bekentenis niet de sterkste te zijn iets dat altijd bijblijft, en de Nochtans is juist de bekentenis niet de sterkste te zijn iets dat altijd bijblijft, en de leraar die ze durft te doen onvergetelijk maakt. Ik herinner me uit mijn eigen schooltijd verschillende strategieën die onderwijzers en leraren gebruikten om kritiek het hoofd te bieden. Eentje beweerde zelfs dat hij gelijk had omdat hij tijdens zijn opleiding de grammatica van P.C. Paardekooper (1920-2013) uit het hoofd had moeten leren, wat voor zijn leerlingen tot de verplichting leidde hem daarvoor te loven. Veel mooier vond ik een uitspraak van mijn onderwijzer uit de vijfde klas: ‘Van iedereen die hier aanwezig is, weet ik het meest, maar de verstandigste ben ik niet.’Wat was dat slim. We bewonderden hem allemaal, terwijl ieder van ons hoopte dat hij het was die de meester in intelligentie overtrof. Dat was pas een aanmoediging.

Geciteerd: Rik TORFS in Rik Torfs’ tips voor leerkrachten: ‘Volg de regels niet’, Knack, 4 juni 2018. Intro Knack-artikel: Wie niet langer gelooft in de leraar, geeft ook de jeugd op. Rik Torfs roept de leerkrachten op weer meer trots te vinden in hun werk. ‘Een echte leraar is altijd een beetje een artiest.’

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Working in an Evidence-Informed Way

3-Star learning experiences

Mirjam Neelen & Paul A. Kirschner

As you might know, we’ve been writing this research-based, evidence-informed blog for slightly over three years and we both still very much enjoy it. Our goal is to present learning professionals (teachers, learning designers, trainers, etc.) with evidence-informed ideas on how to make both the instructional and the learning experience more effective, efficient, and enjoyable (hence ‘3-star learning experiences’). We’re both passionate about this topic and we try to ‘spread the word’ as much as we can. For example, in the third week of June, Paul delivered key note about Urban Legends in Education at the Festival of Education in Wellington, UK and Mirjam presented on Evidence-Informed Learning Design at Learning Tech Day in Ghent, Belgium.

Although for us it’s clear what it means to work as Learning Designers in an evidence-informed manner, Mirjam noticed during her talk that it wasn’t necessarily clear to…

View original post 1.550 woorden meer

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

George Sand

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

de dt-regel: op sterven na dood | Kristien Hemmerechts over #spelling

Ze aan je laars lappen? Op de schop ermee? Kristien Hemmerechts heeft de kat de bel nog maar eens aangebonden in Deze Zevende Dag op het ‘grote’ onderwijsdebat (één, VRT, 17 juni 2018).

De taal is veel meer dan haar spelling. Ja, de tijden veranderen, onderwijs verandert. Leerlingen en studenten zwaar(der) afrekenen op spelling!? Zeker nu Vlaanderen de lat hoger moet leggen volgens Geert Bourgeois? Aiai. Terug naar de dril van de jaren 1950 en 1960? Op alle slakken zout? Vallen over elke fout? Nee. De klok terugdraaien is dom toch. Vlotheid van communicatie primeert op de allerstrikste toepassing van de spellingregels. Hoor ik Ruud Hendrickx, de landelijke taalexpert voor Vlaanderen op VRT en de grote  van Dale-man, niet zalven met het voorbeeld van de ingenieur die wel een brug kan berekenen maar geen spellingregels onder de knie zou kunnen krijgen. Komaan zeg. Maar hoe nuttig zijn regels bij het leren van spelling?? Prof. dr. Marc van Oostendorp (ja, hij is niet alleen Lieven Vandenhautes favoriete taalkundige, ook de mijne) heeft daar een antwoord op.

Kristien Hemmerechts heeft volkomen gelijk. De dagelijkse praktijk liegt er niet om: algemeen is de houding tegenover spelling veranderd en daar kan geen taalexpert, leraar of spellingfreak omheen. Btw, hoe lichtend is het spellingvoorbeeld van de jonge leraar? Hoe straf is hij/zij  getraind op spelling? Is ook hij/zij/ x geen kind van zijn/haar tijd.

–  Lees ook van dr. Michel Couzijn – bij wie ik in het verleden nog workshops didactiek van schrijfvaardigheid heb gevolgd:

Over het ‘en passant’ toetsen van spelling en grammatica op het Centraal Eindexamen Nederlands

en volg Neerlandistiek.nl.

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , , , , | Een reactie plaatsen

“Borsthaar. Een ontwarring” | een raadsel

  • Van wie is de titel in de blogpostkop??

Hulplijn.

Van gemor over gescheld tot protestoproep voor boycot: auteurs schieten in eigen voeten!? #boekenmarketing #leesbevordering #literatuuronderwijs

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , , , , , | Een reactie plaatsen

Marc de Bel en Gino Marchal to the World #jeugdliteratuur #DeVeertiendeBrief #TheGenthAltarpiece #DeRechtvaardigeRechters

Nieuw jeugdboek uit Vlaanderen op slag wereldnieuws! Zo gaat dat in tijden waarin kinderen en jongeren minder (goed) lezen … Marc de Bel doet er wat aan, samen met Gino Marchal, ‘amateurspeurder’. In hun roman gaan ze het mysterie van de kunstdiefstal door Arsène Goedertier van De rechtvaardige rechters (Jan van Eyck) te lijf: docu verzameld, bestudeerd, code gekraakt! De auteurs zijn 95 procent zeker dat ze het sinds 1934 verdwenen paneel, gestolen door Arsène Goedertier, teruggevonden hebben: het zou onder de Kalandeberg liggen. Daniël Termont, burgemeester van Gent, gaat mee in hun vondst. En niet enkel hij …

Het wereldnieuws uit Vlaanderen werd ook snel meegenomen op YouTube. (Maker mij onbekend, nieuwsbron(nen) niet vermeld.)

En de wetenschap!? Ze stelt zich de vraag … Nee, ze richt een vermanende vinger naar overheden, instellingen, (traditionele) media.

Waarom ik dit nieuws wel moést bloggen: als leesbevorderend middel kan het tellen toch! Nep of niet. Ik citeer prof. dr. Remco Sleiderink in Knack:

Dat kunstenaars en romanschrijvers dergelijke streken uithalen, is te verwachten of zelfs toe te juichen. Een artiest mag de maatschappij al eens wakker schudden of prikkelen. Problematischer is het wanneer gemeentebesturen, musea en media willens en wetens gaan meewerken. Het leidt tot een maatschappij waarin burgers op den duur niets meer geloven en alles afdoen als fake news. Wat als er echt verrassend nieuws te melden is? Om een voorbeeld uit mijn eigen vakgebied te geven: wat als ooit de Middelnederlandse Madoc opduikt, het verloren gegane verhaal van de dichter van de Reynaert?

Journalisten en media hebben de taak om hun bronnen te checken. Wanneer ze moedwillig voor de gek worden gehouden, moeten ze dat aan de kaak stellen […]

        Naar het integrale opiniestuk: Knack.

Homo ludens. Mag-da? Lang zullen we lezen, beste kinderen en jongeren! En ik. Leve de mediatisering van de literatuur – ook in de o serieuze traditionele media zoals Knack en de nog overlevende oude kranten: ik blijf het roepen ja. Stunt? Fake news? Gebracht in literaire fictie door een bekende jeugdschrijver. En leuk in de markt gezet.

Zal ik u tellen, overwaer. Probeerde de verteller in de middeleeuwse manuscripten het al niet: wat hij vertelt, is waar. En Goethe. En Max Havelaar. Ik strooi zomaar een paar namen uit de wel heel losse pols.

Extra spannend toch, die persvoorstelling van De veertiende brief. In het Gentse stadhuis. Jeugdliteratuur in the picture! Ik blijf in de mediatisering geloven als een altijd actuele, natuurlijke en authentieke leesbevorderende literatuurdidactiek. #literatuuronderwijs #lezen. Voeden we niet op tot kritische lezers en kijkers? Kinderen en jongeren zijn slimmer dan we denken. Als het om jeugdauteurs, jeugdboeken, romans, het literaire bedrijf, film, boekenmarketing, stadsmarketing a.h.v. literatuur, theater, poëzie, whatever, de ‘media’ gaat. Ze zijn voortdurend op hun qui-vive. Echt.

Ondertussen wacht Marc de Bel in spanning op een telefoontje van Steven Spielberg …

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

pure Dutch!? | language is a beautiful continuum | geschiedenis van het Nederlands | a history in brief by @fonolog #verengelsing #taalfilmpje

Back to the past … till the germanic tribes … over Hebban olla uogala   … over  … … Listen! It’s a fantastic history of Dutch by an enthusiatic speaker!

The Low Countries are a delta. Dutch is a delta, a place where many things have come together. Prof. dr. Marc van Oostendorp (@fonolog), dé Nederlandse taalkundige van wereldfaam, stelde in de wereldtaal dé prangende vraag: When did we stop speaking Dutch? – Some people think the history of Dutch is coming to an end pretty soon, because Dutch is going to be flooded by English. There is no purity of language. Language is not a countable thing, it’s a great continuum, which can teach us about a country’s history, the history of humanity …

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Whatever Happened to Effective Schools?

Over onderwijshervorming als hervorming van scholen in de VS: historiek van “effective schools”.

Larry Cuban on School Reform and Classroom Practice

Nothing. They are still around but with many aliases. As a label for a movement that began in the late-1970s to demonstrate that urban schools can overcome the ill effects of poverty a coalition of researchers, practitioners and policymakers distilled the features of a small number of schools with largely low-income and minority students that exceeded predicted levels of academic achievement into a recipe for “success” for all schools. That was then. Effective Schools  exist today but has switched labels.

When did the idea of Effective Schools originate?

In the mid-1970s, a small number of researchers began working to disprove the then mainstream policy wisdom that what largely determines students’ academic performance—as measured by standardized achievement tests—is family background. Research studies on the inability of public schools to overcome the effects of poverty and race had led national policymakers to call for reduced federal funding of programs (see here,

View original post 1.186 woorden meer

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

#Musch

Lang zullen we Musch lezen! Over Cornelis Musch en Johan de Witt. Wees daar maar heel zeker van. 🙂

Eerste deel van de trilogie van Jean-Marc van Tol verschenen!

Nog Jean-Marc van Tol met Musch: 3 juni 2018 in Den Haag, stad aan zei – geciteerd van This is The Hague

Op zondag 3 junie komp Jean-Marc van Tol bè Van Stockum Boekvekopâhs in De Haag veitelle auvâh zèn nieuwe boek ‘Musch’, ut eâhste deil van un trilaugie auvâh ut leive van Johan de Witt (1625-1672). Na aflaup istâh rùimte voâh vrage en signerûh.

‘Musch’ is ut eâhste deil van un trilaugie auvâh ut leive van Johan de Witt (1625-1672). Ut issun kalèdoskaupies boek waarin vanùit veschillende pegsonages en pegspektieve de gebeuâhtenisse vannut wondâhlijke jaah 1650 wogde beschrevûh. Veil van de bronne, zauas de brieve van Johan de Witt, de berèmde memoires van Jakob Kats, de dagboekfragmente van de Loevestènse gevangene en de getùigeisse van betrokkeen, zèn âhthentiek. Leimte in de bronne – veil stukke zèn vanweige kompraumitterende inhâh venietag – zèn doâh Jean-Marc van Tol angevuld.

Jean-Marc van Tol
Jean-Marc van Tol (1967) is stgipmakâh, ùitgeivâh en schrèvâh. Van Tol stedeâhde af in de Historiese Lettâhkunde an de UvA bè Heâhreman Plèj. Hè is as gastondâhzoekâh betrokke bè un praujek vannut Huyges ING dat tot doel hep de volledege briefwisseling van raadpensionaris Johan de Witt voâh un graut publiek te ontslùitûh.

Waarom Fokke & Sukke-tekenaar Jean-Marc van Tol een historische roman schreef? Lees het antwoord in Vrij Nederland in 12 tot 15 minuten.

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen